Vrijwilligers in werkgroepen bij Vivent

Vivent is een zorgorganisatie met locaties in ’s Hertogenbosch en omstreken (dorpen). De zorg- en dienstverlening wordt uitgevoerd door 1.500 beroepskrachten en 650 vrijwilligers. De vrijwilligers zijn vooral actief in de woonzorgcentra van Vivent.

We hebben als organisatie niet de wens om alles dicht te timmeren in het vrijwilligersbeleid. De locaties verschillen van elkaar en vrijwilligers komen in alle soorten en maten. Je bent altijd op zoek naar de juiste plek voor iemand. Dat wordt moeilijker als je alles voor de hele organisatie op een zelfde manier vast beschreven hebt.

Ria Kandelaars, coördinator Vivent

De kaders zelf invullen  Vivent heeft op een locatie een vrijwilligersraad gehad maar die is opgeheven omdat er weinig belangstelling voor was bij de vrijwilligers. De Cliëntenraad zou graag een vrijwilligersraad voor de organisatie als geheel zien. Maar Vivent heeft redenen om het meepraten en meedenken door vrijwilligers op andere manieren te organiseren. De organisatie kent namelijk een hoge mate van zelfsturing. Veel zaken worden op teamniveau geregeld en de locaties verschillen van elkaar. Daarom vindt Vivent dat de organisatie vooral voor kaders moet zorgen, waarbinnen de locaties zelf het meeste kunnen regelen. Dat geldt ook voor het vrijwilligersbeleid. Het vrijwilligersbeleid voor de hele organisatie geeft de kaders aan. Aan die kaders kunnen de teams zelf invulling geven.

Deelname van vrijwilligers aan werkgroepen in de praktijk

Participatie van vrijwilligers in besluitvormingsprocessen wordt steeds meer gewoon bij Vivent. En het liefst in een zo vroeg mogelijk stadium van het proces. Zo heeft Vivent een jaar uitgetrokken voor de voorbereiding van een nieuw vrijwilligersbeleid door een werkgroep. Van elke locatie zaten daar een beroepskracht en een vrijwilliger in. De werkgroep kwam een keer in de zes weken bij elkaar.

Aan de bespreking van het vrijwilligersbeleid in de werkgroep werden gekoppeld visiedocumenten meegegeven als kader: Cirkel der verbinding (Vivent) en Leefplezier (Stichting Bouwen aan Leefbaarheid en Vilans-kenniscentrum langdurige zorg). Aan de hand van deze documenten werden onder andere vragen besproken als:

  • Welke plek heb je als vrijwilliger binnen Vivent en binnen de afdeling waar je werkt?
  • Welke rollen zijn er mogelijk rondom een bewoner?
  • Hoe verloopt de samenwerking met de beroepskrachten en wat zou hierin verbeterd moeten worden?

Uitkomsten meegenomen in het beleid  De uitkomsten van de werkgroep zijn meegenomen in de besluitvorming en dat is ook terug te zien in het vrijwilligersbeleid. Zo kwam in de werkgroep kwam naar voren dat er behoefte was aan duidelijkheid over taken die verder gaan dan de ontspanningsactiviteiten, zoals hulp bij eten en drinken. En over de (bij)scholing die nodig is voor die taken. Sommige vrijwilligers willen dat wel doen, anderen niet. In het beleid is dat vertaald met de bepalingen dat Vivent de verschillen tussen vrijwilligers accepteert, zolang dat geen negatieve gevolgen heeft voor de zorg. En dat de organisatie de vrijwilligers faciliteert: “Daar waar vrijwilligers een toezichthoudende rol hebben en/of (ondersteunende) zorgtaken verrichten, worden zij vooraf door de organisatie geïnstrueerd en geschoold.” Een vrijwilliger die de cursus ‘Slikken en verslikken’ heeft gedaan mag helpen met eten geven aan bewoners met verslikgevaar.

Een andere voorbeeld is een werkgroep om een woonzorgcentrum toekomstbestendig te maken. In deze werkgroep draaien ook twee vrijwilligers mee, naast het adviesbureau, de architect, het wijkbureau en enkele beroepskrachten. Ook in de werkgroep In voor Mantelzorg participeren vrijwilligers, zodat hun perspectief van meet af aan wordt meegenomen in het beleid.